| Montforts bouwval (door A.F. van Beurden, Provinciale Almanak van Limburg 1895, pagina 220-222) Montfort is één van die plaatsjes, welke evenals Horn vele geschiedschrijvers tot last zijn geweest. Zij werden zeer dikwijls met Montfoort en Hoorn in Holland verwisseld en de graven van Hoorn zijn bij velen geen Limburgsche edellieden, maar echte Hollandsche vaderlanders. Toch hebben Montfort, zijne heerschers en zijn slot eene groote rol in de geschiedenis gespeeld. Voorbij het dorp met zijne roode pannedaken, zijn spichtig torentje tusschen het geboomte, ligt de indrukwekkende bouwval met zijn hoekige muurbrokken, scherp weerkaatst in het blinkende water der breede grachten. Het slot is gebouwd uit de steenen van een Wijker vestingtoren, die op de Maasbrug stond en door den elect-Bisschop van Luik, Hendrik van Gelre, vermeesterd werd. Deze Hendrik was betre krijgsman dan bisschop, waarom hij zware kerkelijke straffen beliep. Op een zijner strooptochten werd hij den 23 April 1285 door Dirk van der Weijde met een knots doodgeslagen. In 1876 vond men in het praalgraf zijner ouders in de Munsterkerk het geraamte van den herbouwer der Montforter burcht. In den achterschedel was nog de vjifhoekige wonde te zien, die hem den dood veroorzaakte. Een gipsen afgietsel vindt men in 't archief op 't stadhuis te Roermond. Het kasteel Montfort lag in een moeras. De volksoverlevering zegt, dat de steenen per schip ter plaatse gebracht zouden zijn. De burcht had eertijds een krijgshaftig uitzicht en was zoo sterk, dat eene belegering van vier maanden noodig was, om ze in te nemen. In een vierhoek van breede, diepe grachten lag een schans met bolwerken op de hoeken. Hierbinnen verhief zich het middeleeuwsche slot, opgetrokken uit groote brokken blauwe steen en mergel uit de omstreken van Maastricht. Drie zware torens beschermden het front. Overal waren schietgaten in de drie meter dikke, gekanteelde muren en men ging twee poorten door, eer men in het hooger gelegen kasteel kwam. De hardsteenen put en de kapel lagen binnenmuurs. Slechts één weg liep door het moeras naar het kasteel. Sommige geschiedschrijvers willen, dat de Bisschop zijn slot wegens zijne sterkte Montfort of Sterkenberg noemde. Het kasteel heeft tot gevangenis gediend van den ongelukkigen graaf Reynoud van Gelre, die er door zijn zoon opgesloten werd. Men wijst nog eene ronde krocht in de middentoren als de plaats aan, waar de graaf zijn kommervol leven eindigde. Frederik van Stralen, burgemeester van Wageningen, bezong vroeger in een quatrein die snoode daad: MONTFORT De ongelukkige vader stierf te Montfort in den kerker, geheel vernietigt naar den geest, op 9 October 1326. Nog twee torens staan rechtop. In de muurbrokken zien wij de diepe schietgaten, waaruit vroeger de donderbussen, slangen en kartouwen en kanonnen hun bulderende stem deden hooren of dood en verderf uit hun vurige muil in het vijandelijk kamp aan de overzij van 't moeras braakten. De hoogopgaande grondslagen van 't slot zijn nog bewaard, maar overigens is het zoo vernietigd, dat men duidelijk de pogingen van den overwinnaar ziet, die alleen wilde sparen wat moker, stormram en kruit niet konden verbrijzelen. |
|